Op 20 maart 2017 is er een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer ingediend met betrekking tot de transitievergoeding bij ontslag wegens bedrijfseconomische omstandigheden of langdurige arbeidsongeschiktheid (Kamerstuk 34 699). Doel van dit wetsvoorstel is om de transitievergoeding niet, of in mindere mate ten laste van de werkgever te laten komen. Hierdoor zou het aangaan van langdurige arbeidsrelaties moeten worden bevorderd.

 

Wat is de transitievergoeding?

Op grond van de wet is een werkgever bij ontslag aan de werknemer een transitievergoeding verschuldigd. Dit geldt alleen als de arbeidsovereenkomst op initiatief van de werkgever wordt opgezegd of ontbonden of een tijdelijke arbeidsovereenkomst op zijn initiatief niet wordt verlengd.

De werkgever is dit in principe dus ook verschuldigd als de werknemer de bedongen arbeid als gevolg van ziekte of gebreken niet langer kan verrichten en herplaatsing in andere passende arbeid niet mogelijk is. Dit wordt door veel werkgevers als onrechtvaardig ervaren. Zij hebben immers al twee jaar lang het loon tijdens ziekte doorbetaald en kosten gemaakt voor de re-integratie van de werknemer.

 

Het wetsvoorstel met betrekking tot langdurige arbeidsongeschiktheid

In het wetsvoorstel wordt daarom ten eerste geregeld dat een werkgever wordt gecompenseerd voor de kosten van de transitievergoeding die hij betaalt bij een ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. Dit zou moeten gaan gelden zowel bij tijdelijke- als onbepaalde tijd overeenkomsten.

Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, heeft dit terugwerkende kracht tot en met 1 juli 2015. Werkgevers die reeds een vergoeding hebben betaald, kunnen hiervoor dus alsnog worden gecompenseerd.

De beoogde datum van inwerkingtreding van dit onderdeel van het wetsvoorstel is 1 januari 2019.

 

Het wetsvoorstel met betrekking tot ontslag wegens bedrijfseconomische redenen

Ook bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen is de werkgever volgens de huidige wetgeving een transitievergoeding verschuldigd. Ook hier geldt weer dat de arbeidsovereenkomst ten minste twee jaar moeten hebben bestaan. Deze verplichting kan voor werkgevers een te zware belasting zijn.

Om die reden beoogt het wetsvoorstel tevens mogelijk te maken om bij cao af te spreken dat geen transitievergoeding verschuldigd is bij ontslag wegens bedrijfseconomische redenen. Dit kan echter alleen als de werknemer op grond van de cao recht heeft op maatregelen die bijdragen aan het beperken van de werkloosheid en/of recht geven op een redelijke financiële vergoeding.

De beoogde datum van inwerkingtreding van dit deel van het wetsvoorstel is 1 januari 2018.

 

Heeft u als werkgever of werknemer vragen over de transitievergoeding bij ontslag? Neem dan contact op met één van onze advocaten op telefoonnummer 0348-434 455. U kunt ons ook een e-mail sturen op: info@rc-dj.nl.